Titelplaat uit een statenbijbel

statenbijbel


B i b l i a,
DAT IS:
De gantsche H. Schrifture,
vervattende alle de Canonijcke
Boeken des Oude en des Nieuwen 
Testaments.
door last
van de Hoogh-Mog: HEEREN
Staten Generael
vande Vereenighde Nederlanden, 
en volgens het besluyt van de Synode Nationael, 
gehouden tot Dordrecht, i
nde jaeren 1618. ende 1619. 
uyt de oorspronckelijcke talen in onse Neder-landtsche tale getrouwelijck over-geset. 

Tot Leyden, gedruckt bij Paulus Aertsz van Ravensteyn, voor de weduwe ende erfgenamen van wijlen Hillebrant Jacobsz van Wouw, 
ordinaris druckers vande hoogh-mog: heeren Staten-Generael.

 

Na lang overleg over allerlei zaken, neemt de Nationale Synode van de Nederlandse Hervormde Kerk in 1618 het besluit om de bijbel uit de oorspronkelijk talen te laten vertalen. De nieuwe vertaling moet worden voorzien van kanttekeningen om onder meer "de duistere plaatsen" te verklaren. In de boekhandel ontstaat grote onrust, men richt een verzoek aan de Staten Generaal niet te snel te zijn, "we blijven met meer dan 80.000 nog niet verkochte en na de nieuwe vertaling onverkoopbaar geworden bijbels zitten". Deze onrust is voorbarig: het duurt tot oktober 1635 voordat de vertaling geheel voltooid is.  Het drukken gebeurt in Leiden onder het toezicht van de vertalers, zij corrigeren ook de proefdrukken. De Amsterdamse drukker Paulus Aertsz van Ravesteyn wordt het werk gegund, hij richt daarvoor in Leiden een drukkerij in. De verkoop wordt verzorgd door: Machtelt Aelbrechts, de weduwe van Hillebrant Jacobsz van Wouw. In de zomer van 1637 is de eerste druk voltooid. Het is een schitterend foliant geworden, die meestal in twee delen wordt gebonden.

Login winkel